Pleegzorgwerkers

‘Ik help een kind mensen om zich heen te verzamelen die blijven’

Paula's blik

Paula (45) werkt inmiddels negen jaar als pleegzorgwerker bij Levvel. Ze begon haar loopbaan als groepswerker voor uithuisgeplaatste pubers die op een woongroep woonden. Ook nu begeleidt ze vooral tieners. Ze wil graag iets voor kinderen betekenen die vaak opeens uit hun vertrouwde omgeving worden gehaald en in een nieuwe situatie terechtkomen.

Op mijn achttiende heb ik een jaar in Amerika bij een gastgezin gewoond. Het was 1998: geen sociale media, geen e-mail of mobiele telefoon. Bellen kon wel, maar dat was hartstikke duur. Al in de eerste drie maanden overleed mijn opa en merkte ik dat ik nergens mijn verdriet kwijt kon. Ik wist niet goed waar ik steun vandaan kon halen. Mijn band met het gastgezin en vriendinnen daar in Amerika was nog niet zo hecht. Toen heb ik geleerd hoe belangrijk het is om mensen om je heen te hebben die er voor je zijn.

‘Paula, kan ik even met je praten?’

Pleegkinderen hebben ook niet altijd mensen met wie zij een vertrouwensband hebben. Dat kan eenzaam voelen. Dan krijg ik een appje ‘Paula, kan ik even met je praten?’. Dan zit hen iets dwars en voelt het alsof ze bij niemand terechtkunnen. Als pleegzorgwerker ben ik maar tijdelijk in het leven van een kind, daarom help ik hen om vaste mensen om zich heen te verzamelen, die blijven, ook als ik wegga.

Soms ben ik degene die jongeren stimuleert om opnieuw contact te zoeken met familie. Zo begeleidde ik
een meisje dat zich helemaal alleen voelde. Ze dacht: ik moet het zelf doen, ik heb niemand nodig. In gesprekken kwamen we op haar tante. Ik vroeg haar: ‘Wat zou je willen dat je tante voor je betekent?’ Ze besloot zelf contact op te nemen. Nu is haar tante haar grootste steun. Ik zoek altijd naar een manier waarop ouders en pleegouders op een goede manier rondom het kind betrokken kunnen zijn, zodat het voor iedereen goed voelt. Een kind wil namelijk niks liever dan dat het goed gaat tussen ouders en pleegouders. Maar een ouder die een uithuisplaatsing heeft meegemaakt, rouwt. Die pijn maakt het soms moeilijk om pleegouders hun plek te gunnen. Andersom kunnen pleegouders zich door ouders bekritiseerd voelen. Dan probeer ik met beiden in gesprek te gaan, zodat ze elkaar niet als bedreiging zien, maar als aanvulling.

In die gesprekken leg ik steeds de blik en de behoeftes van het kind uit. Kinderen voelen het direct als er spanning is tussen de volwassenen die voor hen zorgen. Dat maakt het voor hen lastig om zich echt veilig te voelen. Maar als een kind merkt dat er afspraken worden gemaakt en iedereen zich daaraan houdt, en dat iedereen vriendelijk met en over elkaar praat, dan geeft dat rust. Dan weet het kind: ik mag er zijn, precies zoals ik ben.

Zo begeleid ik een kind wiens broertjes en zusjes allemaal uit huis zijn geplaatst, bij verschillende pleeggezinnen. In het begin zagen ze elkaar niet. Nu is het gelukt om in schoolvakanties broertjes- en zusjesdagen te organiseren. Dan komen ook de moeder en de verschillende pleegouders. Als ik zie hoeveel die dagen voor iedereen betekenen, weet ik: hier doe ik het voor.

Anna Grebel
Maaike Koning
Meer informatie?
contact
Interesse in pleegzorg?

Meld je aan voor een informatieavond.

Heb je liever direct contact? Dat kan! Mail ons dan. Wij denken graag met je mee.